Press Release (NL)

Op zoek naar ‘Zero G’ met de SRA

(Suborbital Research Association)

Suborbitale ruimtevluchten met raketvliegtuigen maken een frequentere toegang tot microzwaartekacht mogelijk, en dat opent mooie perspectieven voor de vooruitgang van het wetenschappelijk onderzoek en de technologische ontwikkeling. De pas in Brussel opgerichte Suborbital Research Association (SRA) wil de gemeenschap van onderzoekers en ingenieurs in Europa dichter bij elkaar brengen.

De ruimte is niet louter de grote oneindigheid. Ze stimuleert ook op een haast onvoorstelbare wijze onze grijze materie en doet ons fenomenen en processen uit de natuurkunde, de chemie en de biologie in vraag stellen. Meer bepaald de microzwaartekracht of bijna-gewichtloosheid opent perspectieven voor creativiteit en innovatie in onderzoek en technologie. Voor permanente microzwaartekracht is een baan rond de aarde nodig, bijvoorbeeld aan boord van het Internationale ruimtestation ISS, maar ook in recupereerbare capsules of automatische platformen. Alleen is hun prijskaartje bijzonder hoog.

Vliegtuigen kunnen ook paraboolvluchten uitvoeren. Bij die vlooiensprongen in de lucht ontstaat telkens gedurende een twintigtal seconden een toestand van microgravitatie. Die korte duur volstaat echter niet om complexe fenomenen te bestuderen.

Er bestaat een alternatief met een aantrekkelijke kostprijs, waarbij een lange parabool vanuit een suborbitale baan op een honderdtal kilometer hoogte enkele ononderbroken minuten van microzwaartekracht oplevert. Het succes van het ruimtetoerisme met suborbitale vluchten naar het begin van de ruimte zal dat alternatief binnenkort mogelijk maken.

In juni van dit jaar werd in Brussel de Suborbital Research Association, afgekort SRA, opgericht die Europa en zijn instituten en laboratoria wil sensibiliseren voor het uitvoeren van suborbitale vluchten voor wetenschappelijke en technologische doeleinden. De SRA kreeg de steun van ingenieurs, professoren, juristen en stelt zich tot doel om het onderzoek aan boord van vliegtuigen die een dergelijke sprong van ruim 100 km hoogte maken, te bevorderen, te ondersteunen, te vergemakkelijken en te promoten. Dat soort vluchten gaat gepaard met minuten van waardevolle en nuttige microgravitatie. De SRA legde al contacten met de hoofdrolspelers in de wereld van de suborbitale vluchten, die raketvliegtuigen aan het ontwikkelen zijn zoals XCOR Aerospace (USA), Virgin Galactic (USA) en S3 (Swiss Space Systems). De twee eersten kondigen regelmatige ruimtevluchten aan vanaf 2015. Daarom moeten we nu al de gemeenschap van onderzoekers en ingenieurs bewustmaken van de mogelijkheden die de opkomst van deze suborbitale lucht- of ruimtevaart met zich meebrengt.

Op maandag 14 oktober vindt om 14 uur in het Paleis der Natie, in de vleugel van de Senaat, de officiële aankondiging plaats van de oprichting van de organisatie. Dat doen de initiatiefnemers tijdens een persontmoeting in het kader van de werkzaamheden van de EISC (European Interparliamentary Space Conference). België, in de persoon van senator Dominique Tilmans, zit de conferentie dit jaar voor. De EISC wil ideeën en ervaringen uitwisselen over het valoriseren van de Europese inspanningen, onder meer op het vlak van hoogtechnologische opleidingen. De conferentie biedt de SRA de kans om haar strategie uiteen te zetten en haar diensten aan te bieden. Zo wil de nieuwe organisatie ertoe bijdragen dat onderzoek en technologie in Europa blijven vooruitgaan en baat vinden bij een frequentere en goedkopere toegang tot bijna-gewichtloosheid, dankzij die suborbitale vluchten met raketvliegtuigen.

De SRA staat open voor elke vorm van samenwerking en stelt zich tot doel:

– om het suborbitaal wetenschappelijk onderzoek te bevorderen, te ondersteunen, te vergemakkelijken en te promoten;

– om de nodige hulp te verlenen, binnen de financiële mogelijkheden van de ‘Association’, aan de praktische verwezenlijking van fundamenteel en toegepast wetenschappelijk onderzoek, los van en aanvullend bij de bestaande structuren;

– om bij jongeren, studenten en het grote publiek campagnes op te zetten ter promotie van het wetenschappelijk onderzoek tijdens suborbitale vluchten of om bij te dragen tot dergelijke acties;

– om alle mogelijke informatie, werken en documenten te verspreiden over de doelstellingen van de organisatie.”

Met het oog op haar activiteiten volgt de SRA met grote aandacht de ontwikkeling van de SS2 (SpaceShipTwo) van Virgin Galactic, de Lynx van XCOR Aerospace en de SOAR (Suborbital Orbital Aircraft Reusable) van S3, die hun eerste vluchten moeten realiseren in respectievelijk 2014, 2015 en 2017.

De Lynx van XCOR Aerospace is voor wetenschappelijke activiteiten extra interessant. Naast de mogelijkheid om aan boord wetenschappelijke experimenten mee te nemen, heeft de Lynx achteraan ook twee containers, of canisters, die extra plaats bieden. Ze kunnen worden gebruikt voor de lancering van kleine satellieten van het type CubeSat. De SRA is in gesprek met XCOR Aerospace voor de organisatie van een eerste vlucht aan het einde van de testfase, begin 2015.

Het eerste project dat de SRA op stapel heeft staan is dubbel:

– in het voorjaar van 2015 een eerste wetenschappelijke vlucht voor wetenschappelijke experimenten organiseren met het ruimtevliegtuig Lynx van XCOR Aerospace;

– in dat kader een wedstrijd organiseren voor leerlingen van de Belgische secundaire scholen, met de vraag om voorstellen in te dienen voor experimenten die tijdens die vlucht kunnen plaatsvinden.

Wie meer wil vernemen over de Suborbital Research Association en de wedstrijd voor Belgische studenten kan terecht op

http://www.suborbital-research.org/

Dr. Pierre-François Migeotte – suborbital.ra@gmail.com